Fiat 124, een icoon uit de schaduw wordt 60
Toen ze in 1966 werd voorgesteld, oogde deze nieuwe Italiaanse berline bijzonder modern voor haar tijd. En dat was niet alleen uiterlijk vertoon, want de ingenieurs creëerden ook een auto die tegelijk robuust, betrouwbaar en aangenaam om te rijden was. Met minder dan 900 kilo op de weegschaal bood ze, zelfs met haar oorspronkelijke 1,2 liter-motor van 60 pk, al degelijke prestaties. Toen Fiat later motoren van 70 en 80 pk toevoegde, groeide de 124 uit tot een echte referentie onder de sportieve berlines, met als voornaamste rivaal de jonge BMW 1602. In 1974 werd de Fiat 124 opgevolgd door de 131, maar haar verhaal was toen nog lang niet voorbij.
23 miljoen exemplaren
In de maanden na haar lancering legde Fiat wereldwijd tal van contacten en verkocht het productielicenties van zijn model. Spanje, Bulgarije, Marokko, Turkije, India… En natuurlijk was er AvtoVAZ, beter bekend als Lada. Het is namelijk in de Sovjet-Unie dat de langste productieperiode van het “124-platform” van start ging. De techniek en het chassis werden vereenvoudigd om beter bestand te zijn tegen de wegen en het klimaat, maar de basis bleef dezelfde. En dat bleef zo tot begin jaren 2010. Als je alle Fiats, Lada’s en andere varianten optelt, kom je uit op een totale productie van ongeveer 23 miljoen exemplaren. Dat is zelfs iets meer dan de 21 miljoen VW Kever. Geef toe: dat verdient toch een welgemeende “Happy Birthday”.

