Volkswagen vindt de XL1 opnieuw uit
Herinnert u zich de XL1 nog? Deze vreemde hybride diesel-tweezitter uit 2013 was ontwikkeld om minder dan 1 l/100 km te verbruiken. Om dat doel te bereiken, keek Volkswagen niet op een euro of op wat extra complexiteit: koolstofvezel, magnesium en andere geavanceerde materialen, extreme aerodynamica en een speciaal ontwikkelde aandrijflijn. Een echt rijdend laboratorium, waarvan toch 250 exemplaren werden gebouwd en 200 stuks werden verkocht voor de hallucinante prijs van 111.000 euro per stuk. De vandaag voorgestelde Mission Efficiency vertrekt vanuit exact dezelfde obsessie, maar dan aangepast aan het elektrische tijdperk. En de eerste resultaten zijn indrukwekkend: tijdens een 1.278 km lange rit in reële verkeersomstandigheden tussen Wolfsburg en Wenen verbruikte hij gemiddeld slechts 6,89 kWh/100 km. Ter vergelijking: de nieuwe ID. Polo is gehomologeerd op 13,4 kWh/100 km.
Alle beetjes helpen
Om zo'n cijfer neer te zetten, heeft VW uiteraard veel aandacht besteed aan de aerodynamica, met een Cx van slechts 0,158 – een wereldrecord voor een ‘bijna-productiewagen’ –, afgedekte achterwielen en een volledig gesloten bodemplaat. Maar de ingenieurs gingen werkelijk overal op zoek naar energiewinst. Zo werden de klassieke achterremmen bijvoorbeeld vervangen door elektromechanische exemplaren. En in het interieur is er geen centraal scherm. Een ietwat ironisch bewijs dat twee of drie schermen in zowat elke elektrische auto stoppen misschien niet helemaal logisch is wanneer je tegelijk beweert elke watt te willen besparen. Maar goed…
Waar de Mission Efficiency verschilt van zijn spirituele voorganger, is dat hij eigenlijk minder exotisch is dan hij eruitziet. Hij gebruikt namelijk het MEB+-platform, de 135 pk sterke elektromotor en de 54,9 kWh-batterij van de nieuwe ID. Polo. Bovendien is hij ontworpen voor het echte leven, met plaats voor twee volwassenen, twee kinderen en 481 liter bagage. Maar VW benadrukt het: voorlopig zijn er geen plannen om hem op de markt te brengen. En het moet gezegd dat de context veranderd is. In de tijd van de XL1 kon de groep het zich veroorloven geld te verliezen op enkele honderden auto's, gewoon om te tonen waartoe zijn ingenieurs in staat waren. Volkswagen anno 2026 houdt zijn centen een stuk nauwlettender in de gaten. Maar aangezien deze keer een groot deel van de dure technologie gewoon op de plank ligt, onthouden wij vooral dat woordje ‘voorlopig’.




